Nederlandse Vereniging voor Verzekeringsgeneeskunde Menu
Vereniging Opleiding Kwaliteit Wetenschap

Evaluatie Individueel Functioneren (EIF)

Evaluatie individueel functioneren stap voor stap dichterbij

Hoe doe ik EIF?

Vanaf 2020 geldt de nieuwe herregistratie-eis van het College Geneeskundige Specialismen (CGS) dat je eenmaal in de vijf jaar voorafgaande aan de verloopdatum van je registratie hebt deelgenomen aan een geaccrediteerd systeem van evaluatie van je individueel functioneren. Daarnaast vereist de regelgeving ook periodieke evaluatie van het functioneren van de groep waarin de geneeskundig specialist of profielarts werkzaam is.

Voor sociaal geneeskundigen hebben de wetenschappelijke verenigingen KAMG, NVVG en GAV besloten deze herregistratie-eisen zo laagdrempelig, praktisch en effectief mogelijk uit te werken en daarbij aan te sluiten bij de opzet en het functioneren van de bekende ICT-groepen.

In deze korte handleiding lees je meer over ons model voor het periodiek evalueren van jouw functioneren. Wat houdt dat in? Hoe gaat dat in zijn werk? En vooral hoe begin je?

De instrumenten EIF worden niet geactualiseerd, deze zijn slechts bedoeld ter inzage. Er kunnen geen rechten aan ontleend worden.

.

Evaluatie individueel functioneren: wat is jouw koers?

attentive-class-1439959

Op dinsdag 10 oktober organiseerden NVVG, GAV en KAMG een invitational over Evaluatie Individueel Functioneren (EIF)*. De invitational startte aansluitend op de najaarsvergaderingen van NVVG en GAV. EIF leeft, de opkomst was veel groter dan verwacht én velen bleven napraten. Plenair was aandacht voor de achtergrond van de nieuwe herregistratie-eisen en de stand van zaken nu. De statafelsessies en workshops zetten de deelnemers aan het denken en gaven handvatten om een beeld te vormen van wat EIF voor hen inhoudt. Theo Hoofs, Landelijk Adviseur Verzekeringsarts UWV en stuurgroeplid was ook aanwezig en deelt zijn ervaringen.

Regie
“De kernboodschap is dat EIF bijdraagt aan het formuleren van professionele ontwikkeling op persoonlijk niveau: waar zit mijn plezier in mijn werk, waar loop ik warm voor en hoe kom ik daar? Het is wel een herregistratie-eis, maar vooral ook een goed middel om regie te nemen op je eigen loopbaan. Oók als je zestigplus bent en je voornaamste doel is om het werk vol te houden. Het draait om kennis, vaardigheden, competenties en je eigen persoonlijke doelen. Vitaliteit kan hier een onderdeel van zijn. Dat kun je in je persoonlijk ontwikkelplan (POP) opnemen door jezelf vragen te stellen, zoals: hoe doe ik dat? Hoe behoud ik mijn kennis? Hoe draag ik deze over, hoe neem ik mijn rol als senior met veel ervaring? Minder werken is niet altijd de enige mogelijkheid.”

Elkaar helpen
“Het is echt belangrijk dat we dit proces goed faciliteren. Mensen moeten uit hun comfort zone stappen en dat is vaak niet zo makkelijk. Bij de bijeenkomst bleek ook dat er een groot kennisverschil is tussen de verschillende artsen. Sommigen weten alles al over portfolio’s, persoonlijke ontwikkelingsplannen en competenties, anderen horen het nu voor het eerst. Het raakt de praktijk van individuele artsen. Voor jonge (aankomend) artsen is het al veel gebruikelijker om over je portfolio na te denken en feedback te vragen, zij krijgen dat in de geneeskundestudie al mee. Dat was vroeger zo anders. Voor artsen die al langer werkzaam zijn, is het vaak nieuw. Het kan dan enorm helpen om aan je jongere collega’s te vragen: hoe doe jij dat?”

ICT-groepen gaan professionaliseren
“De onderlinge toetsingsgroepen moeten professioneler worden. Hiervoor komt een werkgroep onder leiding van Mariëlle Jambroes. Deze werkgroep gaat vaststellen aan welke criteria een ICT-groep moet gaan voldoen. Tijdens de workshop ‘Professionaliseing ICT-groepen werden ervaringen en visies gedeeld. Je kunt ook nog deelnemen aan deze werkgroep.”

Van vinken naar vonken
“EIF stimuleert een leven lang leren, essentieel voor iedere arts. Je kunt een duidelijker keuze voor je loopbaan maken en ervoor zorgen dat de bij- en nascholing die je volgt, daaraan bijdraagt. Dat helpt ook als je aan je werkgever toestemming voor een opleiding of cursus vraagt: je hebt er een verhaal bij. Je hebt natuurlijk nog steeds accreditatiepunten nodig, maar de inhoud staat nu meer voorop dan wanneer je elk jaar nog even wat punten moet afvinken.”

Taak stuurgroep EIF
“De stuurgroep** zet zich in om het voor iedereen behapbaar en mogelijk te maken EIF in de eigen praktijk in te voeren. De informatie van de invitational helpt om aan te sluiten bij de behoeften van de artsen. We hebben veel vragen en informatie gekregen waar we verder mee aan de slag gaan. Tussen nu en voorjaar 2018 staan een praktijkpilot en inbreng van een klankbordgroep op de agenda. Daarnaast richten we ons tussen nu en 2019 op het werven en opleiden van visitatoren, het maken van een digitaal registratiesysteem en het zorgen voor een goede implementatie van EIF in de praktijk.”

Bekijk ook de uitleg door Sylvia van der Burg-Vermeulen

*Onderdeel van de herregistratie-eisen per 1 januari 2020 is dat je als sociaal geneeskundige moet deelnemen aan evaluatie van het individuele functioneren en van de groep waarbinnen de arts werkzaam is. Voor alle andere geneeskundig specialismen geldt dit nu al. De nieuwe regelgeving geeft geen inhoudelijke criteria voor de periodieke evaluatie van het functioneren (individueel en als groep), maar bepaalt dat deze volgens de (geaccrediteerde) systematiek van de eigen wetenschappelijke vereniging gevolgd dient te worden. Uiterlijk per 1 januari 2020 moet een systeem hiervoor operationeel zijn. De stuurgroep ‘Evaluatie Individueel Functioneren’ (EIF) ging najaar 2016 van start om dit systeem te ontwikkelen en in het leven te roepen.

** Leden stuurgroep: Sylvia van der Burg-Vermeulen, Hanna Bos, Clementine Wijkmans, Jan Hoevenaars, Kevin de Decker en Theo Hoofs.

Video impressies IC Evaluatie Individueel Functioneren

Welkomstwoord door dagvoorzitter Clementine Wijkmans

Stand van zaken project EIF door Sylvia van der Burg

Impressie workshops uitnodigingsbijeenkomst EIF 10 oktober 2017
Beelden van workshops over: invulling geven aan ICT/OT, ervaring van aiossen met portfolio en discussie over mogelijke instrumenten.

Bijdrage van de CGS tijdens de IC van 10 oktober 2017
In dit fragment plaatst Edith ter Braak evaluatie individueel functioneren in een maatschappelijk en persoonlijk kader. Daarbij legt ze uit waarom de CGS is gestart met de richting voor EIF en wat je daar als dokter persoonlijk aan hebt.

Ervaring van een huisarts
Huisarts Paulus Lips vertelt over zijn ervaring tijdens de herregistratie met de nieuwe eisen.

Ervaringen met EIF door bedrijfs-/verzekeringsarts Reinier van den Oever

Evaluatie individueel functioneren stap voor stap dichterbij

Evaluatie individueel functioneren stap voor stap dichterbij

In september 2016 is het project “Ontwikkeling model evaluatie individueel functioneren (EIF) en evaluatie groep specialisten voor KAMG, NVVG en GAV” gestart. De eerste fase van dit project is afgerond in maart 2017 en bestond uit:

  • Een inventarisatie van bestaande initiatieven m.b.t. kwaliteitsinstrumenten.
  • Verkennen van een online omgeving voor kwaliteitsvisitatie.
  • Aansluiting zoeken bij de kwaliteitsinstrumenten vanuit de opleiding tot sociaal geneeskundige, in het bijzonder het toetsboek behorend bij de nieuwe Landelijk Opleidingsplannen (KAMG en NVVG/GAV).

Voor fase 2 is gekozen voor een pragmatische aanpak door het combineren van het uitwerken van het model in de praktijk én het testen in een pilot. Onderdeel hiervan is de ontwikkeling van vragenlijsten voor multisource feedback en zelfevaluatie passend binnen de werkcontext van de sociaal-geneeskundigen. En er wordt gekeken naar het gebruik maken van toetsinstrumenten (al dan niet met enige aanpassing) uit de opleidingen.

In fase 2 zal ook de benodigde professionalisering van ICT worden uitgewerkt. De herkenbare, bestaande en gedragen structuur van de intercollegiale toetsing (ICT) is namelijk uitgangspunt voor de uitwerking van de evaluatie van individueel functioneren en evaluatie functioneren groep specialisten. Ook het selectieproces voor het ondersteunende (digitale) systeem en het uitwerken van een organisatiestructuur (denk aan het instellen van een bureau met permanente financiering) maakt onderdeel uit van fase 2.

Naar verwachting zal de rest van 2017 nodig zijn voor dit onderdeel van het project. De planning is om in het 1e kwartaal 2018 een plan voor implementatie op te stellen, waarna in 2018 en 2019 de systematiek voor het periodieke evaluatie van functioneren in de praktijk geïmplementeerd kan gaan worden.

Evaluatie Individueel Functioneren: het verplichte leuk maken

De overheid heeft aangegeven dat voor de periodieke herregistratie ook artsen M&G en verzekeringsartsen aan een kwaliteitsprogramma moeten deelnemen. Daarom startte afgelopen najaar het project ‘Evaluatie Individueel Functioneren’ (EIF). Rob Kok is voorzitter van de NVVG en projectleider van de werkgroep binnen EIF. Hij is gedreven om een wezenlijke en liefst leuke bijdrage te kunnen leveren aan de professionele ontwikkeling van artsen.

Rob_Kok_250

Waar ben je nu mee bezig?
Rob Kok, NVVG-voorzitterRob Kok: “Op dit moment zijn we met de werkroep bezig met de eerste fase. Dat wil zeggen: we gaan een keuze maken voor kwaliteitsinstrumenten (360 graden feedback) waarmee elke dokter straks informatie verkrijgt over zijn eigen functioneren vanuit diverse invalshoeken. Het idee is om met deze feedback een verbeterplan voor het eigen functioneren te ontwikkelen en te bespreken binnen de eigen intervisie/onderlinge toetsing groep. Het maken van een persoonlijk verbeterplan is geen doel op zich, maar is bedoeld om een leven lang leren te stimuleren. “

Wat vind jij het belangrijkste doel van het project?
“Dat we er goed in slagen geschikte instrumenten te kiezen en een EIF-model te ontwikkelen waarmee het voor de artsen leuk wordt om het individuele functioneren en het functioneren in een team te verbeteren. We zoeken dus naar een uitdaging in plaats van de zoveelste (administratieve) verplichting.”

Wat is je motivatie om dit te doen?
“Mijn drijfveer is al langer om collega’s te helpen hun professioneel handelen op een hoger plan te brengen. In mijn promotieonderzoek over ‘evidence-based verzekeringsgeneeskunde’ ging het over hoe een systematisch methodiek hierin kan faciliteren. Nu gaat het over hoe gevalideerde vragenlijsten/instrumenten inzicht bieden en zo helpen het functioneren te verbeteren. Dit is meer de zachte kant van ons handelen, maar daarmee zeker niet minder belangrijk.”

Andere beroepsverenigingen hebben al systemen om EIF te doen. Kun je een voorbeeld geven van andere beroepsverenigingen van een instrument dat bijdraagt aan het evalueren van het individueel functioneren van een arts?
“Zeker. Bij de Federatie Medisch Specialisten is het ‘Individueel functioneren medisch specialisten’ (IFMS) ontwikkeld. Met de nieuwe herregistratie eisen per 1-1-2016 vormt dit voor hen inmiddels een verplicht onderdeel. Het AMC heeft daarvoor veel onderzoek gedaan naar hoe valide de ontwikkelde vragenlijsten zijn. Daar kunnen wij op voortbouwen, zodat we het wiel niet opnieuw hoeven uit te vinden.”

Je bent zelf voorzitter van de NVVG en werkzaam als verzekeringsarts. Wat vind jij de meerwaarde van de samenwerking van de KAMG en de NVVG hierin?
“Het is belangrijk om vanuit de Sociale Geneeskunde breed instrumenten te ontwikkelen. De krachten te bundelen. Temeer daar we het vak aantrekkelijker hopen te maken en we zo ook de schaarse financiële middelen voor alle betrokken (kleine) verenigingen beter benutten. Mijn droom is dat het voor jonge dokters ook aantrekkelijker wordt richting Sociale Geneeskunde te gaan als we een meer divers werkgebied hebben met elkaar. Er zijn ook genoeg maatschappelijke en politieke krachten die ons hierheen proberen te bewegen. Denk alleen maar aan de nieuwe governance structuur van de KNMG, met een vertegenwoordiger voor ons cluster of raamplannen Sociale Geneeskunde binnen de geneeskundige opleidingen die het belang van intensiever samenwerken steeds meer onderkennen en benadrukken.”

Hoe zijn leden van de vereniging betrokken bij dit project?
“Er is een stuurgroep met daarin vertegenwoordigers van de 3 deelnemende verenigingen (KAMG, GAV en NVVG). Verder is er per projectonderdeel een werkgroep met ook weer een brede vertegenwoordiging vanuit de verengingen. De werkgroep adviseert de stuurgroep. De stuurgroep heeft een coördinerende rol en adviseert uiteindelijk de besturen van de 3 verenigingen, die de finale keuzes maken voor hun leden. In dit project wordt ook een klankbordgroep opgericht met belangrijke stakeholders/disciplines uit het sociaal-geneeskundig werkveld. Ook hier worden leden van de verenigingen bij betrokken. Zo is er op verschillende momenten input van vertegenwoordigers/leden van elke vereniging, wat moet bijdragen aan een breed draagvlak voor de te maken keuzes.”

Als een gewone arts M&G of verzekeringsarts, wat ga ik dan straks merken van het instrument dat jullie ontwikkelen?
“De komende twee jaar gaan we dit ontwikkelen en piloten, maar vanaf 1-1-2020 is dit een verplichte herregistratie eis, net als nu al geldt voor alle andere specialismen. Dit betekent voor ons dat er uiterlijk in 2019 al gestart dient te zijn met deze methodiek. Dus ‘gewone dokters’ gaan hier ook steeds meer mee te maken krijgen. En nogmaals, we hopen dat dit ‘verplichte’ instrument uiteindelijk toch vooral ook als leuk en nuttig voor de eigen professionele ontwikkeling wordt gezien.”

Stand van zaken ontwikkeling model Evaluatie Individueel Functioneren (EIF) en evaluatie groep specialisten voor KAMG, NVVG en GAV

Tijdens de Algemene Ledenvergadering van de NVVG, op 6 april jl. heeft de projectgroep Evaluatie Individueel Functioneren de stand van zaken omtrent de ontwikkeling van het model gepresenteerd.

De Projectgroep Evaluatie Individueel Functioneren is aan de slag gegaan

De projectgroep visitatie is april 2015 van start gegaan om een model voor de kwaliteitsvisitatie voor verzekeringsartsen op te zetten. De overheid heeft aangegeven dat voor de periodieke herregistratie ook wij verzekeringsartsen aan een kwaliteitsprogramma moeten deelnemen.

Het College Geneeskundige Specialismen stelt de regels vast voor de (her)registratie van specialisten en profielartsen. In november 2015 werd bekend dat de invoering van de kwaliteitsvisitatie met een jaar is verschoven naar januari 2020. Dit geeft ons nog ruim de tijd om het model voor kwaliteitsvisitatie zorgvuldig op te zetten en volgens tijdsschema zo goed mogelijk te laten verlopen.
De projectgroep is inmiddels al meerdere malen bij elkaar gekomen.

Als eerste werd een literatuuronderzoek verricht rond de (klinische) kwaliteitsvisitatie. Daarnaast zijn enkele wetenschappelijke verenigingen benaderd omdat zij al over een functionerend kwaliteitsvisitatiesysteem beschikken. Ook zijn er gesprekken geweest met verschillende werkgevers, onder andere UWV, ministerie van Defensie, ASR en Lechner consult. Tijdens deze gesprekken kwamen de volgende vragen aan bod: hoe zou de kwaliteitsvisitatie moeten worden ingericht? Aan welke eisen moet het systeem voldoen en welke instrumenten zouden moeten worden gebruikt?

Het is van belang om de verschillende takken van de verzekeringsgeneeskunde met hun eigen takenpakket goed in kaart te brengen. De inhoud van de werkzaamheden van verzekeringsartsen kan immers aanzienlijk verschillen. Met de verkregen informatie zullen we een model opzetten waarbij we gebruik willen maken van bestaande instrumenten maar waarvoor we tevens nieuwe instrumenten willen ontwikkelen. Ook over de selectie en scholing van visitatoren zal moeten worden nagedacht.

De commissie opleiding is afgelopen jaren bezig geweest om de kaders voor de opleiding verzekeringsgeneeskunde vast te stellen. Er is overleg gaande om de kwaliteitsvisitatie aan te laten sluiten op de binnen de beroepsopleiding gehanteerde eisen en terminologie. Waar mogelijk proberen wij administratieve en bureaucratische lasten te beperken.
Dit moet uiteindelijk leiden tot een model waar verzekeringsartsen zowel werkzaam binnen de publieke als binnen de private sector achter kunnen staan.

De kwaliteitsvisitatie is bedoeld als onderdeel van een ontwikkeltraject dat de verzekeringsarts kan stimuleren in zijn professionele ontwikkeling. Dit sluit aan bij de wens van professionals om verder te blijven groeien en zich ook na afronding van de beroepsopleiding te blijven ontwikkelen. Daarbij stelt de professional zich vragen zoals wat is goed, wat kan beter en hoe kom ik daar op mijn manier?

Zoals aangegeven zal het periodiek evalueren van het individueel functioneren onderdeel gaan uitmaken van de herregistratie. Daarbij probeert de projectgroep wel te bewerkstelligen dat het tijdsbeslag beperkt blijft.

Natuurlijk zal er eerst een pilot worden georganiseerd om te kijken of het model ook in de praktijk uitvoerbaar is. Zo blijft voldoende tijd over om eventuele knelpunten op te lossen en problemen te verhelpen. Bedoeling is het model uiteindelijk in de loop van 2018 te implementeren. Verzekeringsartsen die zich in 2020 willen herregistreren hebben dan twee jaar voorbereidingstijd.

Vanaf dat moment kunnen dus ook verzekeringsartsen aantonen dat zij deelnemen aan een terugkerende, cyclische evaluatie van het eigen functioneren.

Wij zullen u in de nieuwsbrief en tijdens de ledenvergaderingen met regelmaat op de hoogte houden over de voortgang van dit project

Sluiten
X Zoek