Nederlandse Vereniging voor Verzekeringsgeneeskunde Menu
Vereniging Opleiding Kwaliteit Wetenschap

FAQ - Evaluatie Individueel Functioneren

1. Wordt een 'ik zou graag willen' niet een 'heilig moeten' gezien de vormgeving - lees POP?
KAMG, NVVG en GAV doen hun uiterste best om te voorkomen dat EIF een bureaucratisch monster wordt. Het CGS heeft wel bepaald dat een externe visitator eens per jaar vijf jaar toetst of de sociaal geneeskundige zich serieus bezig heeft gehouden met reflecteren op het eigen functioneren. Om dit te kunnen doen moeten deze inspanningen natuurlijk schriftelijk worden vastgelegd. Er wordt een aantal instrumenten aangeboden om het eigen functioneren te kunnen toetsen. De conclusies van de metingen met deze instrumenten, een beschouwing hierover resulterend in een plan van aanpak en wat is bereikt met de uitvoering van dit plan worden in het POP genoteerd.

2. Worden er door de stuurgroep nog minimum eisen van/voor het POP geformuleerd?
De methodiek van EIF sluit aan bij de onderwijskundige principes die ook in de landelijke opleidingsplannen (LOP) voor de sociaalgeneeskundige specialismen worden gebruikt. Er is een aantal instrumenten beschikbaar om het eigen functioneren te kunnen toetsen. Deze instrumenten zijn bewerkingen van instrumenten uit het Toetsboek behorend bij een LOP. Conclusies van de metingen met deze instrumenten, een beschouwing hierover resulterend in een plan van aanpak en wat is bereikt met de uitvoering van dit plan worden in het POP genoteerd. Een duidelijke omschrijving van de methodiek die zal worden gebruikt wordt in 2018 beschikbaar gesteld.

3. Hoe betrek ik mijn leidinggevende bij mijn POP? Deel ik het hele portfolio met hem/haar?
Vanuit de Wetenschappelijke Vereniging wordt het delen van het POP met een leidinggevende afgeraden. Men zou hierover geen afspraken moeten maken met de werkgever. Elementen van het POP kunnen gebruikt worden om de eigen kwaliteit te verbeteren. Het is aan de individuele arts om te besluiten met wie dit wordt besproken, men is zelf beheerder.
Bij het opstellen van het POP wordt gewerkt met een gespreksleider/visitator. Dat zal één maal per vijf jaar plaatsvinden. Het POP wordt niet gebruikt in de HRM cyclus.

4. Wie neemt de rol van opleider/coach op zich bij het POP van een geneeskundig specialist?
Een geregistreerd sociaal geneeskundige wordt voldoende competent geacht om kritisch te kunnen reflecteren op het eigen functioneren. Een opleider of coach is daarom niet vereist. Omdat EIF wordt besproken in de groep waarin ook intercollegiale toetsing plaatsvindt wordt van de groepsleden verwacht dat zij hun visie geven op elkaars EIF-inspanningen.

5. Als sociaal geneeskundige wil ik niet alleen 'beoordeeld' worden op functioneren in de arts/cliënt- relatie maar ook op mijn functioneren/invloed op het niveau van groepen in de bevolking. Wordt daar over nagedacht?
Met bijvoorbeeld een multisource feedback instrument kan een sociaal geneeskundige toetsen wat de groep voor wie hij direct werkt van zijn functioneren vindt. Zo kan een arts M&G die bezig is met een beleidsopdracht een multisource feeback vragen aan de stakeholders. Wordt uitsluitend met hele grote populaties gewerkt met wie geen persoonlijk contact plaatsvindt dan biedt EIF daar geen mogelijkheden voor.

6.Herregistratie-eis ICT = 75% geregistreerd. Wij laten nu ook aios participeren en achten dat zinvol. Echter, verdeling aios/geregistreerd neigt naar < 75%. Hoe gaan we hiermee om? Eisen aan te passen t.a.v. collega's in opleiding?
De EIF-werkgroep ICT 2.0 onder leiding van Mariëlle Jambroes formuleert momenteel de randvoorwaarden voor de ICT nieuwe stijl waarin ook EIF een plaats krijgt. Deze vraag wordt door haar werkgroep meegenomen. Zodra hierover in de toekomst meer bekend wordt, zal dit worden gecommuniceerd. Naar verwachting zal er in de loop van 2018 meer duidelijkheid gegeven kunnen worden.

7. Het besluit Herregistratie specialisten zegt dat de arts zich bij het EIF en evaluatie externe kwaliteitseis moet laten bijstaan door een deskundig aantoonbaar opgeleid persoon (visiteur). Hoe staat het met de opleiding of aanstelling van deze visiteurs die naar ik aanneem door de beroepsvereniging ook geaccrediteerd dienen te worden?
De stuurgroep die bezig is met het invoeren van EIF heeft gepland om in het eerste trimester van 2018 het profiel van de visitatoren vast te stellen en aan te geven waaruit hun opleiding gaat bestaan. Vanaf mei 2018 worden de visitatoren geworven en geselecteerd. Vanaf oktober 2018 start hun opleiding.

8. Kunnen de ICT-groepen al accreditatie aanvragen bij KAMG of is dit niet aan de orde?
De EIF-werkgroep ICT 2.0 onder leiding van Mariëlle Jambroes formuleert momenteel de randvoorwaarden voor de ICT nieuwe stijl waarin ook EIF een plaats krijgt. Deze randvoorwaarden zijn onderdeel waarop de Wetenschappelijke Vereniging kan toetsen en daarmee ook accreditatie kan verlenen aan de ICT groepen. Dit is een eis vanuit de RGS. Op dit moment is accreditatie nog niet mogelijk. Dit traject is in ontwikkeling en naar verwachting kan er in de loop van 2018 meer duidelijkheid worden gegeven.

9. Hoe krijg je goed zicht op blinde vlekken als zelfstandig werkende 'eenpitter'? Anders dan overleg met collega's.
Je gaat je bezig houden met het evalueren van je eigen functioneren binnen een ICT-groep. Om input te krijgen over je individueel functioneren is straks een aantal instrumenten beschikbaar waaronder een multisource feedback tool. De resultaten van de metingen met deze instrumenten ga je bespreken met je collega’s.

Sluiten
X Zoek