Nederlandse Vereniging voor Verzekeringsgeneeskunde Menu
Vereniging Opleiding Kwaliteit Wetenschap

Q&A Toetsboek

Algemeen

Vragen en opmerkingen toetsboek
Q: Waar en hoe kunnen vragen en opmerkingen over het toetsboek ingediend worden?
A: Voor het indienen van vragen en opmerkingen over de toetsen en het toetsboek moet onderscheid gemaakt worden tussen het soort vragen/opmerkingen:
-Vragen/opmerkingen over de inhoud: Hierbij moet gedacht worden aan zaken zoals het doel van een toets, op welke wijze deze moet worden uitgevoerd of op welke plaats in de opleiding. Deze dienen gesteld te worden aan het opleidingsinstituut. Zij kunnen aanvullende uitleg geven over de aard van de toets en het nut ervan. De Wetenschappelijke vereniging biedt het toetsboek uitsluitend aan als service (en hulpmiddel) waarmee de afname van toeten vergemakkelijkt kan worden, hierbij zorg dragend voor het meenemen van alle noodzakelijke elementen hierbinnen. Zij is niet verantwoordelijk voor de inhoudelijke eisen welke gesteld worden aan de toetsen.
- Vragen/opmerkingen over de vorm: Hierbij moet gedacht worden aan zaken zoals taalkundige fouten of teksten welke niet eenduidig zijn. Deze kunnen ingediend worden bij het secretariaat van de NVVG. Vervolgens zullen ze meegenomen worden bij de evaluatiecyclus. De vragensteller zal uiteraard persoonlijk antwoord krijgen op gestelde vragen.

Evaluatiecyclus toetsboek
Q: Hoe lang duurt een evaluatiecyclus voor het toetsboek en waarop wordt hierbij gedoeld?
A: De evaluatiecyclus voor het toetsboek is 2 jaar. Dit houdt in dat in de loop van 2 jaar feedback en aangedragen verbeterpunten en wijzigingen worden verzameld en er indien nodig 1 keer per 2 jaar een geactualiseerde versie uit kan komen. Indien dat het geval is, zal dit algemeen bekend gemaakt worden via de gebruikelijke kanalen ten einde de gebruikers op de hoogte te stellen hiervan. Omdat het toetsboek zich per heden nog in de beginjaren van gebruik bevindt, is het denkbaar dat er, in bijvoorbeeld toetsen voor de hogere jaren van de opleiding, onverhoopt fouten of omissies staan welke geen uitstel kunnen dulden tot het einde van de evaluatieperiode. In dat geval zal ook eerder hierop actie ondernemen worden. Dit kan betekenen dat er een (tijdelijk) addendum geformuleerd wordt. Ook dit zal dan gecommuniceerd worden.

Toetsen algemeen
Q: Niet alle toetsen die gedurende de opleiding gemaakt moeten worden, zijn vindbaar in het toetsboek. Hoe komt dit?
A: Het toetsboek bevat alleen de opdrachten voor de praktijkopleiding, niet die van het cursorisch onderwijs, dus het kan dat er opdrachten zijn voor de AIOS die niet in het toetsboek staan. Bovendien is de opleiding aan veranderingen onderhevig. Middels de evaluatiecycli zal het toetsboek geactualiseerd worden om aan te sluiten bij de gegeven toetsen, maar het is mogelijk dat nieuwe toetsen nog niet in het toetsboek zijn opgenomen.

Tijden en frequenties
Q: Bij de instituten worden soms voor de toetsen andere tijden en frequenties aangegeven dan vermeld staan in het toetsboek. Hoe komt dat?
A: Het toetsboek houdt zich bij de opgaaf van tijden en frequenties aan hetgeen vanuit het LOP is aangegeven. Indien vanuit het opleidingsinstituut een andere tijd en frequentie wordt aangegeven, dient de AIOS daar navraag te doen naar de reden hiervoor. Het opleidingsinstituut dient in te regelen dat de toetsen conform het LOP worden uitgevoerd.

Toets gradatie / waardering
Q: De toetsen kennen een waarderingsmethodiek middels het cijfer 1 tm 5, met hierbij per cijfer een korte opgaaf van de duiding van dat cijfer. Is het mogelijk om dit cijfer weg te halen, omdat ht normatief overkomt en ook de bijbehorende tekst neutraler op te stellen?
A: De waardering is een gebruikelijke methodiek (Likert schaal), maakt deel uit van de beoordeling en geeft duidelijkheid oer het behaalde niveau. Hierbij komt bovendien dat de graadmeter weliswaar het eindpunt van de opleiding is (het functioneren als een ervaren verzekeringsarts), maar dat het ook in het 1e jaar mogelijk zou moeten zijn om een voldoende te behalen.

Toetsen

Toets 9: Informatie brief/expertise privaat
Q: Er is een toets voor informatie brief/expertise privaat, maar niet voor de publieke sector. Kan hierin alsnog worden voorzien?
A: Ja, per abuis is bij toets 9 komen te staan dat deze uitsluitend voor de private sector zou gelden. Deze is inhoudelijk evenwel bedoeld voor zowel de private als publieke sector. Dit zal tekstueel aangepast worden aan het einde van deze evaluatieronden. Tot dan is er het verzoek de toets zoals hij is ook voor de publieke sector te gebruiken; inhoudelijk bevat deze toets namelijk de elementen waaraan zowel voor privaat als publiek moet worden voldaan.

Toets 11 en 12: Bezwaar en beroep
Q: Bij het kopje ‘plaats in opleiding’ staan tijden en frequenties benoemd welke niet overeenkomen met het IOS vanuit de NSPOH. Bovendien is in het kader van de vooropleiding al eens stagegelopen bij bezwaar en beroep. Moet nog een stage bij bezwaar en beroep gelopen worden?
A: Ja het is de bedoeling dat er tijdens de opleiding weer stage gelopen wordt bij bezwaar en beroep. Ratio hierachter is dat de AIOS op dat punt een hoger kennisniveau heeft en hierdoor in deze fase beter in staat is om vaardigheden op dit vlak te verwerven. Tijdens de vooropleiding was de stage eerder bedoel als een ‘kennis maken met’, waarbij er nog onvoldoende kennis was om de finesses van dit gebied te begrijpen.

Toets 17: Praktijkopdracht CAT
Q: Bij het kopje ‘plaats in opleiding’ staan tijden en frequenties benoemd welke niet overeenkomen met het IOS vanuit de NSPOH. Wanneer moet deze tijdens de opleiding gedaan worden?
A: Het toetsboek houdt zich bij de opgaaf van tijden en frequenties aan hetgeen vanuit het LOP is aangegeven. Indien vanuit het opleidingsinstituut een andere tijd en frequentie wordt aangegeven, dient de AIOS daar navraag te doen naar de reden hiervoor. CAT dient 4x getoetst te worden: 1x per jaar. Hiermee wordt bedoeld dat de AIOS een CAT doet en met de collega’s op de werkvloer bespreekt bij een refereerlunch, casuïstiek of ICT.

Toets 18: Praktijkopdracht Referaat
Q: Bij het kopje ‘plaats in opleiding’ wordt beschreven dat de AIOS ieder jaar van de opleiding een referaat aflevert. De eerste 2 bij het instituut. In jaar 3 en 4 in de praktijkopleiding. Bedoelen ze hiermee dat ik een referaat bij NSPOH moet geven?
A: Het toetsboek houdt zich bij de opgaaf van tijden en frequenties aan hetgeen vanuit het LOP is aangegeven. Indien vanuit het opleidingsinstituut een andere tijd en frequentie wordt aangegeven, dient de AIOS daar navraag te doen naar de reden hiervoor. Het referaat dient in jaar 3 en 4 gegeven te worden bij het opleidingsinstituut.

Toets 22: Praktijkopdracht DO en RIV
Q: Bij het kopje ‘plaats in de opleiding’ staat vermeld dat een opdracht RIV-beoordeling in de BOVG zit voor de publieke sector. Betekent dit dat de AIOS deze niet meer hoeft te doen, gezien het gegeven dat deze tijdens het BOVG al gedaan is?
A: Het is geen officiële opdracht meer, maar alleen een opgaaf dat een van de KPB’s een RIV of DO moet zijn.In het kader van de KPB’s moet deze minimaal 1x pr jaar worden gedaan. Er kan hierbij gekozen worden voor een RIV of een DO.

Toets 26: KPB Multisource Feedback
Q: Bij het kopje ‘Degenen die feedback geven’ staat benoemd dat de mensen die feedback geven het MSF-formulier ontvangen. Het MSF-formulier op pagina 85 (multiple source feedback algemeen) is echter een formulier waar ingevuld moet worden wat de ‘kenmerken van casuïstiek’ zijn met ‘mening van o.a. praktijkopleider’. Het lijkt hierdoor niet dat dit formulier bruikbaar is voor mensen die feedback geven. Ook staat genoemd dat het MSF-formulier een kopje ‘opmerkingen’ heeft, waar een voorbeeld van concreet gedrag gegeven moet worden. Echter dit kopje is op dit formulier (pagina 85) niet vindbaar. De vraag is dan ook of dit formulier gebruikt moet worden? Er is nog een ander formulier op pagina 90, genaamd ‘MSF samenwerken’. Echter in mijn IOS staat benoemd dat ik zowel MSF (2x) alsook MSF-samenwerking (2X) moet doen. Het lijkt dus wel alsof dit aparte opdrachten zijn. Is het feedbackformulier aan te passen? En moet ik inderdaad beide 2x doen?
A: Het klopt dat zowel MSF als MSF-samenwerking dienen te gebeuren.

Overig

Q: In het kader van het IOS van de NSPOH wordt een praktijkopdracht ‘Vergaderen’ en een praktijkopdracht ‘Afstemmen met management benoemd. Deze zijn niet vindbaar in het toetsboek, waarom?
A: Bij het opstellen van het toetsboek zijn uitsluitend alle toetsen meegenomen welke genoemd zijn in het LOP. Hierin is geen praktijkopdracht ‘Vergaderen’ en ‘Afstemmen met management’ genoemd’. Indien het opleidingsinstituut dit aspect wil toetsen, zullen eventuele toets formulieren door hen zelf aangeleverd worden.

Sluiten